Moduleopdracht Statistiek en Onderzoek
Moduleopdracht van het vak Statistiek en Onderzoek. Dit vak is onderdeel van jaar 1 van de studie HBO SPD Ik heb een 7 voor dit vak gehaald. De precieze opdracht van de module-opdracht is: Stap 1: Wat lever je in? De leiding van jouw organisatie/divisie/vestiging* wenst informatie te verkrijgen over de ontwikkelingen in de omzetten en resultaten** van de organisatie/divisie/vestiging en vraagt jou onderzoek te doen. Het product dat je op moet leveren is een onderzoeksrapport, in de stijl van een adviesnota, waarin je de belangrijkste bevindingen van je onderzoek rapporteert en enkele aanbevelingen geeft. * Je mag indien noodzakelijk het bedrijf anonimiseren of gebruik maken van de gegevens van een ander bedrijf indien het eigen bedrijf niet wil dat je de gegevens gebruikt. Motiveer dit in het voorwoord. ** Je mag hier ook (een) andere variabele(n) kiezen dan omzet en resultaat. Let er op dat wel alle verschillende onderdelen uit de opdracht aan bod moeten komen. Je leest in dit geval in de rest van de opdracht steeds in plaats van omzet en resultaat de door jou gekozen variabele(n). Motiveer je keuze voor de variabele(n) in het voorwoord. Stap 2: Waar moet de opdracht aan voldoen wat betreft inhoud? Het onderzoek dient de volgende inhoudelijke elementen te bevatten: Een Inleiding met daarin: enkele inleidende alinea's met daarin een beknopte probleemschets, met de aanleiding en de achtergrond van het probleem een beschrijving van de organisatie de probleemdefinitie de doelstelling van het onderzoek de centrale onderzoeksvraag enkele relevante deelvragen Theoretisch kader (optioneel) Methode Resultaten Conclusies Aanbevelingen Daarnaast bevat de moduleopdracht nog een aantal andere elementen zoals Voorblad, Voorwoord, Samenvatting, Inhoudsopgave, Leeswijzer, Literatuurlijst en eventueel Bijlagen. De volgorde van alle elementen en de structuur van de moduleopdracht worden verder beschreven in Stap 3. In het onderzoek dienen verder de volgende typen onderzoeksmethoden en -technieken aan bod te komen: deskresearch, literatuuronderzoek, kwalitatieve onderzoeksmethoden en kwantitatieve onderzoeksmethoden (zowel beschrijvende statistiek als toetsende statistiek). Hieronder wordt beschreven hoe en in welke onderdelen van de module-opdracht ze gebruikt moeten worden. Voorbereidend deskresearch voor de organisatiebeschrijving De opdrachtgevende organisatie dient beknopt beschreven te worden. Denk hierbij o.a. aan de missie, visie, kernwaarden, doelstelling/strategie, product- of dienstomschrijving, typologie, markten waarin men opereert en beknopte historie. Dit dient te gebeuren op basis van degelijk bronnenonderzoek. Denk aan de website(s) van de onderneming, interne bedrijfsdocumenten en algemene publicaties waarin deze informatie te vinden is. Literatuuronderzoek Voer een literatuuronderzoek uit naar ontwikkelingen in de branche waarin de onderneming zich bevindt. Licht toe of er ook andere zaken zijn die invloed zouden kunnen hebben op de ontwikkeling van de omzet en het resultaat van de onderneming. Mocht je andere variabelen gebruiken dan omzet en resultaat (zie Stap 1) richt dan het literatuuronderzoek op de door jouw gekozen variabelen. Integreer de literatuur tot een goedlopend, prettig leesbaar en samenhangend betoog. Baseer je op kwalitatief goede en betrouwbare bronnen. (Her)lees eventueel Hoofdstuk 4 van het boek Praktijkgericht onderzoek ter voorbereiding. NB: literatuur zoeken kun je eindeloos doen, maar dit is uiteindelijk een opdracht van beperkte omvang en de adviesnota kan daarom ook geen heel uitgebreide literatuurstudie bevatten; 10 tot 15 kwalitatief goede bronnen is voldoende. Kwalitatief onderzoek Doe een aanvullend kwalitatief onderzoek. Welke onderzoeksmethoden je precies gebruikt (semigestructureerd interview, groepsinterview, expertinterview, enquête, enzovoort) bepaal je zelf. Suggesties: een interview met een leidinggevende om de opdracht (zie Stap 1) scherp te definiëren. Een expertinterview met iemand die deskundig is op het terrein van ontwikkelingen die spelen in de branche waarin de organisatie zich bevindt. Een groepsinterview met enkele werknemers van de organisatie om te achterhalen welke ontwikkelingen zij zien die kansen en bedreigingen kunnen vormen voor omzet en resultaat (of andere variabelen als je daarvoor gekozen hebt). Een enquête met een vergelijkbaar doel onder een grote groep werknemers. Bereid het kwalitatieve deel goed voor en voeg in de bijlagen bewijzen toe van deze voorbereiding. Als je bijvoorbeeld voor een interview een interviewgids hebt gemaakt, voeg die dan toe. Hetzelfde geldt voor de analyse, voeg een uitgewerkt en gecodeerd interview toe in een bijlage (al dan niet geanonimiseerd). (Her)lees eventueel Hoofdstuk 7 van Praktijkgericht onderzoek om dit onderdeel goed te kunnen voorbereiden en uitvoeren. Beschrijvende statistiek Geef een eerste analyse van het door jouw verzamelde cijfermateriaal over omzet en resultaat (of eventueel andere door jouw gekozen variabelen). Verzamel tenminste voor vier jaar data, bij voorkeur over een langere periode. Data over een langere periode geeft meer inzicht in trends, effecten van ontwikkelingen in de branche, enzovoort. Bij de beschrijvende statistiek moeten ten minste de volgende elementen aan bod komen: Een omzetverdeling in klassen die relevant is voor de organisatie. Denk hierbij bijvoorbeeld naar een indeling in Verschillende typen klanten of afnemers; óf Verschillende producttypen; óf Verschillende regio’s; óf Perioden (binnen een jaar); óf Enz. De modale klasse Gemiddelden per klasse Standaarddeviatie per klasse Een presentatie van de gegevens in relevante grafiek- en tabelvormen. Voorbeelden: Een tabel met gemiddelden en standaarddeviatie per klasse. Een grafiek die het mogelijk maakt om de ontwikkeling over de tijd van de verschillende klassen te vergelijken. Een grafiek die het mogelijk maakt de ontwikkeling in het bedrijf te vergelijken met de ontwikkeling in de branche als geheel. Geef eventueel aanvullende beschrijvende statistieken. Te denken valt aan histogrammen, frequentieverdelingen en kruistabellen om de verdeling van omzetgegevens inzichtelijk te maken (Zie o.a. §3.3 en Hoofdstuk 4 van het Basisboek Statistiek met Excel). NB: Indien je één van deze elementen echt niet kunt uitvoeren voor jouw organisatie geef dan in het voorwoord gemotiveerd aan waarom dit niet mogelijk is. NB: De modale klasse en de standaarddeviatie per klasse kunnen alleen bepaald worden als de klassen meerdere elementen bevatten. Voorbeeld: Stel, je werkt voor een accountantskantoor en kiest voor een onderverdeling in verschillende typen klanten, namelijk zakelijke klanten, NGO’s zonder winstoogmerk en (semi)overheidsorganisaties. Stel dat je omzetgegevens hebt van 500 klanten. Verdeel dan de klanten over de drie genoemde klassen en bepaal dan het gemiddelde en de standaarddeviatie per klasse en de modale klasse. Het berekenen van alleen het gemiddelde per klasse, of de standaarddeviatie van alleen de 500 klanten volstaat dus niet. Toetsende statistiek Aanvullend dienen er één of meer statistische toetsen uitgevoerd te worden, zoals een Chi-kwadraat toets, een regressie-analyse of een t-toets. Enkele voorbeelden om dit concreet te maken: Stel dat je in het voorbeeld bij beschrijvende statistiek (punt 4 hierboven) de omzet van de 500 klanten verder onderverdeeld in grote klanten ( €100.000 omzet) en kleine klanten (≤ €100.000 omzet). Je kunt dan met een Chi-kwadraat toets onderzoeken of er verschillen zijn tussen zakelijke klanten, NGO’s zonder winstoogmerk en (semi)overheidsorganisaties als het gaat om de bijdrage die elk type klant levert aan de omzet. Een andere manier om te toetsen of drie of meer klassen verschillen (in omzet of een ander aspect dat in interval/ratio niveau wordt gemeten) is het gebruik van Enkelvoudige Variantieanalyse (vaak one-way ANOVA genoemd). Als je het verschil wilt toetsen tussen twee klassen kan dit gedaan worden met een t-toets voor twee niet-gekoppelde steekproeven (beide zijn te vinden in §5.3 van het Basisboek Statistiek met Excel). Indien je over voldoende waarnemingen beschikt* zou je met correlatie of lineaire regressie ook de samenhang kunnen toetsen tussen verschillende variabelen. Daarbij kun je denken aan vragen als: in hoeverre voorspelt de omzet in de branche de omzet van de organisatie? Dit kan inzichtelijk gemaakt worden met een spreidingsdiagram en getoetst worden met lineaire regressie. *Het gaat in de eerste plaats dat je laat zien dat je een statistische toets goed kunt uitvoeren en rapporteren dus ook al is formeel niet aan alle eisen van de desbetreffende toets voldaan, dan mag de toets binnen het redelijke toch uitgevoerd worden. Een geavanceerdere uitbreiding van deze analyse zou het volgende kunnen zijn: Heeft de organisatie een reorganisatie of externe schok ondergaan (zoals het wegvallen of afstoten van een deelmarkt) dan kan men door het aanmaken van een dummyvariabele (een variabele met waarde 0 op de tijdstippen voor de schok en waarde 1 op de tijdstippen vanaf de schok) onderzoeken of deze schok een significant effect heeft gehad op de omzet. Bekijk ter voorbereiding eventueel het Basisboek statistiek met Excel en het boek Toegepaste statistiek opnieuw. Deze boeken bevatten veel informatie over verschillende mogelijke statistische toetsen. Het Basisboek statistiek met Excel bevat ook een inlegvel met daarin een beslisboom die kan helpen om van een onderzoeksvraag naar de juiste statistische toets te komen. Verder bevat dit boek voorbeeldrapportages bij elke statistische toets. Het is de bedoeling om de statistische toetsen kort te rapporteren in de hoofdtekst, zoals in deze voorbeeldrapportages is voorgedaan. Voeg eventuele uitgebreide, stapsgewijze uitwerkingen van de statistische toetsen toe als bijlage. NB: Het is van groot belang alle gebruikte onderzoeksmethoden en technieken beknopt te beschrijven in de ‘methode’ paragraaf, zie stap 3. Stap 3: Wat is de opbouw en structuur van de opdracht? De opbouw van de adviesnota volgt de opbouw zoals gegeven in §9.1.2 van het boek Praktijkgericht onderzoek. Deze subparagraaf bevat een opsomming van alle componenten van een onderzoeksverslag en aansluitend een toelichting van de verschillen tussen een onderzoeksverslag en een adviesnota. Vervolgens wordt in de rest van Hoofdstuk 9 per component een aanvullende toelichting gegeven. Het wordt sterk aangeraden om Hoofdstuk 9 als geheel te (her)lezen voordat je aan het schrijven van de nota begint. De moduleopdracht bevat overeenkomstig §9.1.2. de volgende onderdelen: Voorblad met de volgende informatie: Titel van het verslag Voorletters en naam Studentnummer Datum Markus Verbeek Praehep Naam van de opleiding die je volgt Naam van de module Voorwoord Je stelt jezelf eerst voor. Geef vervolgens aan voor wie je de moduleopdracht schrijft en geef de aanleiding weer voor het schrijven van de moduleopdracht. Ten slotte geef je in het voorwoord eventuele niet te vermijden afwijkingen van de moduleopdracht en andere bijzonderheden gemotiveerd aan. Inhoudsopgave Samenvatting Je maakt een samenvatting van maximaal één pagina van de inhoud van jouw moduleopdracht. Deze samenvatting moet zelfstandig leesbaar zijn, dat wil zeggen begrijpelijk voor iemand die de moduleopdracht zelf niet heeft gelezen en geen speciale voorkennis heeft. Verder moet de samenvatting compleet zijn, dat wil zeggen, alle belangrijke elementen van het onderzoek omvatten, zoals, probleemstelling en doelstelling, de gebruikte methodologie op hoofdlijnen, de belangrijkste resultaten, de belangrijkste conclusies en de belangrijkste aanbevelingen. Inleiding Begin met één of enkele inleidende alinea’s waarin je een probleemschets geeft, dat wil zeggen, je beschrijft het onderzoek op hoofdlijnen en geeft de aanleiding en achtergrond van het onderzoek. Daarnaast beschrijft je in de inleiding de organisatie waarvoor je jouw moduleopdracht hebt gemaakt (zie Stap 2, punt 1). Beschrijf verder beknopt bestaand onderzoek dat relevant is voor jouw onderzoek. Verder komen in de inleiding de probleemdefinitie, doelstelling, centrale onderzoeksvraag en deelvragen aan bod. Sluit de inleiding af met een leeswijzer; een korte schets van inhoud en structuur van de rest van het onderzoek. Het is de bedoeling dat de inleiding een goedlopende en logisch samenhangend betoog wordt. (Her)lees eventueel §9.2.5 en Hoofdstuk 3 van Praktijkgericht onderzoek. Theoretisch kader (optioneel) In dit onderdeel geef je het literatuuronderzoek weer uit Stap 2, punt 2. Ook eventuele modellen e.d. die je gebruikt licht je hier toe. Vanwege de geringe omvang van deze moduleopdracht is het ook mogelijk om het kopje ‘Theoretisch kader’ te laten vervallen en het literatuuronderzoek te integreren in de Inleiding. Methode Hierin beschrijf je het type onderzoek, beschrijvend, exploratief of toetsend. Vanwege de eisen bij Stap 2 zal het onderzoek elk van deze elementen in zich dragen. Licht dat kort toe. Verder dien je hier elke gebruikte onderzoeksmethode bondig, maar wel compleet toe te lichten. De uitleg moet replicatie mogelijk maken, dat wil zeggen dat een andere onderzoeker op basis van jouw uitleg in staat moet zijn jouw onderzoek te herhalen. (Her)lees eventueel Hoofdstuk 6 en §9.4 van Praktijkgericht onderzoek. Resultaten Geef hierin de resultaten van je onderzoek. Het gaat om de beschrijvende en toetsende statistieken. Ook de resultaten van de kwalitatieve analyse kun je hier kwijt (tenzij het onderzoek betreft dat beter in de inleiding ondergebracht kan worden, zoals een interview met een leidinggevende om de probleemstelling te verhelderen). Structureer eventueel de resultaten per deelvraag. Geef alleen de resultaten, ga nog niet concluderen of adviseren. Conclusies Geef antwoord op je deelvragen op basis van je resultaten. Aanbevelingen Geef enkele aanbevelingen die je baseert op je conclusies. Literatuurlijst Geef een literatuurlijst volgens APA normen (zie het document MPV Literatuurverwijzingen ). Bijlagen (eventueel). De moduleopdracht bestaat uit minimaal 5 en maximaal 7 pagina’s opgemaakte hoofdtekst (inclusief inleiding) en maximaal 7 pagina’s (A4-formaat) bijlagen, bij regelafstand 1 en lettertype en -grootte Arial 10/11. Het voorblad, het voorwoord, de samenvatting, de inhoudsopgave en de literatuurlijst tellen niet mee in het maximumaantal pagina’s. Indien je het aantal pagina’s overschrijdt, kan dit negatieve consequenties hebben voor jouw beoordeling. NB: De moduleopdracht heeft een geringe omvang. De bedoeling is dat je laat zien dat je de verschillende aspecten van het opzetten, uitvoeren en rapporteren van onderzoek beheerst. Vanwege de geringe omvang moet je een balans zien te vinden tussen voldoende diepgang en beknoptheid. Plan je onderzoek vanaf het begin zo dat de hoeveelheid geproduceerde tekst niet de norm voor het aantal pagina's overschrijdt. Schrijf compact en voorkom herhalingen, zodat je binnen het maximum aantal pagina's wel de gewenste diepgang bereikt. Zie voor aanvullende documenten met tips en aanwijzingen de downloads onderaan de pagina.
Gekoppeld boek
Geschreven voor
- Instelling
-
NCOI / Markus Verbeek
- Studie
-
HBO SPD
Document informatie
- Geupload op
- 17 februari 2019
- Aantal pagina's
- 19
- Geschreven in
- 2018/2019
- Type
- ESSAY
- Docent(en)
- Onbekend
- Cijfer
- Onbekend
Onderwerpen
- spd
- statistiek
- moduleopdracht
- statistiekenonderzoek
- onderzoek
- stats
- markusverbeek
-
markus verbeek
Ook beschikbaar in voordeelbundel